Rubenshuis toont unieke Rubens en Van Dyck

Kindermoord in Bethlehem en De apostel Mattheüs

Dit najaar ontdekt u tijdens Antwerpen Barok 2018 twee unieke bruiklenen in het Rubenshuis. De Kindermoord in Bethlehem, een vroeg meesterwerk van Rubens en de duurste Rubens ooit, is vanaf 26 september uitzonderlijk te zien in het groot atelier. Ook van Anthony van Dyck, Rubens’ meest getalenteerde leerling, toont het museum een vroeg topwerk. De Koning Boudewijnstichting geeft de apostelkop Mattheüs in permanent bruikleen. Het is de enige compositie van de bekende Böhlerreeks die in een Belgische publieke collectie te zien is.

Rubens’ Kindermoord in Bethlehem

Speciaal voor het barokjaar leent the Art Gallery of Ontario (AGO) de Kindermoord in Bethlehem uit. De wervelende compositie zit boordevol dramatiek en geweld. Met de vele verwijzingen naar de antieke oudheid presenteert de jonge Rubens zich als een volleerde ‘pictor doctus’, een geleerde kunstenaar die zijn intellectuele bagage verwerkt in zijn oeuvre.

Peter Paul Rubens, De Kindermoord in Bethlehem, The Thomson Collection at the Art Gallery of Ontario © Art Gallery of Ontario

Bijbels tafereel

Het werk stelt een bijbels tafereel voor. Op het moment van de geboorte van Jezus vernam koning Herodes dat er een nieuwe koning in Bethlehem geboren was. Hij vreesde het einde van zijn macht. Als reactie liet hij alle jongetjes van twee jaar en jonger vermoorden. De ouders van Jezus vluchtten echter naar Egypte waardoor het Christuskind aan dit vreselijke lot ontsnapte. De kindermoord was een populair thema in de schilderkunst. Het verhaal werd vooral tijdens de renaissance vaak afgebeeld, toen kunstenaars gefascineerd geraakten door de oudheid.

Duurste Rubens ooit

De historiek van het doek is ronduit spectaculair. Het schilderij maakte al snel deel uit van prestigieuze verzamelingen, maar werd sinds de 18de eeuw foutief toegeschreven aan diverse kunstenaars.

In 2001 herkenden specialisten duidelijk de hand van de meester in de barokke vormentaal. De ontdekking van het verloren gewaande schilderij van Rubens was groot nieuws en het werk werd verkocht. Op de veilig bij Sotheby’s in 2002 haalde het een recordbedrag van £49.5 miljoen, waarmee de Kindermoord de duurste oude meester ooit was. Het werd gekocht door de Canadese zakenman en verzamelaar Ken Thomson, die het schonk aan the Art Gallery of Ontario in Toronto. Het is er één van de topstukken en reisde sinds de aankomst in 2008 niet.

Vandaag is de Kindermoord nog steeds de duurste Rubens ooit.

 

 

Van Dyck’s apostelkop Matteüs

Ook van Anthony van Dyck toont het Rubenshuis een vroeg topwerk. Onder invloed van Rubens schilderde Van Dyck een apostelserie, beter bekend als de Böhlerreeks, die vandaag wereldwijd verspreid is.

Dankzij een legaat verwierf de Koning Boudewijnstichting de heilige Mattheüs uit deze serie. De Stichting bekostigde de restauratie in het Koninklijk Instituut voor Kunstpatrimonium te Brussel en geeft het schilderij nu in permanent bruikleen aan het Rubenshuis. Het is de enige compositie van de bekende Böhlerreeks die in een Belgische publieke collectie te zien is.  

Kracht en contemplatie

Als een krachtige en tegelijkertijd contemplatieve mannenfiguur brengt Anthony van Dyck de apostel Mattheüs in beeld met vloeiende penseelstreken. Van Dyck toont Mattheüs met de hellebaard in de hand, een verwijzing naar de marteldood die de apostel zou zijn gestorven volgens de overlevering.

Inspiratie bij Rubens

De directe inspiratie voor zijn apostelen vond de jonge Van Dyck wellicht bij Rubens. Omstreeks 1610 had Rubens al een serie apostelen voor de hertog van Lerma gemaakt. In het atelier van zijn mentor moet de jonge Van Dyck Rubens’ voorbeelden hebben gezien en het zijn deze modellen die hem tot het maken van apostelseries moeten hebben verleid.

Aangenomen wordt dat Van Dyck zijn reeks apostelen en Christus tussen 1618 en 1620 heeft geschilderd. De stijl sluit aan bij zijn werken uit de zogenaamde eerste Antwerpse periode.

Böhlerreeks

De apostel Mattheüs van de Koning Boudewijnstichting behoort tot de zogenaamde ‘Böhlerreeks’, genoemd naar de Duitse kunsthandelaar Julius Böhler die de serie omstreeks 1914 verwierf uit een Italiaanse privé-verzameling. Böhler verkocht de serie aan verschillende particulieren en musea. Deze compositie is het enige voorbeeld van een Van Dyck-apostel in België. Vandaag zijn er nog acht van de dertien composities van de reeks bewaard, waarvan enkelen in particulier bezit.

Zevende permanent bruikleen van Koning Boudewijnstichting

Met dit permanent bruikleen verrijkt de Koning Boudewijnstichting voor de zevende keer de collectie van het Rubenshuis. De Stichting gaf eerder onder meer het zilveren sierstel van Theodoor Rogiers, de Hercules van Lucas Faydherbe, De Ganay manuscript naar Peter Paul Rubens en twee schilderijen van Jacob Jordaens in permanent bruikleen. Daarmee onderstreept de Koning Boudewijnstichting haar missie ‘Erfgoed beschermen en toegankelijk maken’.

Voor het portret van Van Dyck is die bescherming tweezijdig. Het fonds verwierf niet alleen het paneel. Het bekostigde ook de analyse en de broodnodige restauratie door het Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium te Brussel. Daar werd het paneel eerst gereinigd: de vergeelde vernislaag en de overschilderingen werden verwijderd. De barsten zijn gehecht en de lacunes in de verflaag zijn opgevuld. De behandeling van de houten drager is een primeur voor België. Dankzij de nieuwe vliegtuigtechniek is de parketage achteraan vervangen door een beweeglijke houten lattenconstructie. Het houten paneel, dat aangetast was door houtworm, is uiterst dun. Dankzij de vernieuwde parketage kreeg het schilderij een flexibele rug, die het paneel voldoende bewegingsvrijheid geeft.

Het technisch onderzoek heeft aangetoond dat een verticale strook links niet geschilderd werd door Van Dyck. Niet alleen dit werk, maar alle werken van de Böhlerreeks blijken ooit vergroot te zijn geweest.   

Meld je aan voor onze nieuwsbrief